In conclusie: de ‘Rutu Na Krakti’ angisa

 
1 juli 2021
Grafisch-, print- en modeontwerper

Imagine IC en Modemuze sloegen vorig jaar de handen ineen – samen onderzochten ze het (im)materieel erfgoed van de koto in Nederlandse context.

Op verzoek maakte Cheyenne Nelson (Studio NENE) een doek: een verzameling van de kennisoverdracht, maar ook te dragen als angisa. In dit blog neemt Cheyenne je mee in de reis naar dit eindproduct.

In 2020 kwamen verschillende kenners enkele keren samen; zowel fysiek als virtueel. Er werd gesproken over de collectie van Rita Maasdamme, over hoe je een overdracht zou kunnen bewerkstelligen, en werden meerdere koto uit museale collecties van Modemuze partners onder de loep genomen. Samen met Imagine IC, maakte Modemuze een verzamelpagina waar al deze kennis is gebundeld.

Onderzoek naar de elementen

Het had een slotevent moeten zijn waarin we een fysieke brainstormsessie zouden houden. Participanten waren uitgenodigd om mee te denken over hoe we verschillende lagen van de koto, letterlijk en figuurlijk, konden verwerken in een doek. De pandemie liet dit niet toe, en via een vragenlijst werden er vragen gesteld over wat voor beelden ze zien bij een koto, kotomisi en angisa. Maar vooral: welk verhaal dit doek zou moeten vertellen om dit project af te sluiten.

Zoals ook in het onderzoeksproject, is het doel om juist de betekenisgeving van de participanten te documenteren en vertalen, maar nu naar een doek. Het gaat over de (im)materiële koppelingen die gemaakt worden vanuit de kenniscommunity. Hieruit kwamen drie punten sterk naar voren; het verhaal van de kotomisi, de kracht en de elegantie van de kotomisi, maar ook elementen uit de natuur.

Experimenteren met de doek

In een van de resultaten uit de vragenlijst werd er gecommuniceerd iets met een pauw-figuur te doen. Deze moest zeker terugkomen op de doek. Ook was het belangrijk om de kotomisi in verschillende situaties te herkennen. De elementen uit de natuur, de maan en zon moesten er ook een plek op krijgen.

Hier moest een geheel van gemaakt worden: het liefst één met een verhaal dat ook een emotionele connectie zou kunnen maken. De angisa moest een eigentijdse interpretatie zijn van het Afro-Surinaams erfgoed. Het zou herkenning en erkenning teweeg moeten brengen en zo ook nieuwe generaties enthousiasmeren om deze kennis door te geven en zelf te willen dragen.

Prototype voor 'Rutu na Krakti' angisa

In de eerste versies zag je vooral de drie sterke punten naast elkaar op de doek uitgebeeld staan. Maar naar verloop en het toenemen van de verschillende versies, raakten de punten steeds meer verweven met elkaar. Er is gekozen om de doek donkerblauw met een wit dessin te maken en het beeld in tweeën te delen. Door de doek in een driehoek te vouwen, zoals gedaan wordt bij het binden van een angisa of het dragen om de middel, kan de drager zelf kiezen welke kant prominent te zien is.    

De eindversie van de Rutu Na Krakti angisa door Cheyenne Nelson (Studio NENE)

Drie veelzeggende bindwijzen

Op de doek staan verschillende elementen die refereren aan de gegevens die uit de vragenlijst kwamen. Onder anderen zien we drie angisa bindwijzen uitgebeeld. Bij elke angisa staat er een woord om het verhaal van de kotomisi te versterken:

Let them talk

Angisa met de tekst Krakti (kracht).
Een angisa gevouwen waar drie punten naar boven wijzen. De drager maakt zich niet druk om wat men over haar zegt: “Laat maar praten!”.

Low-ede

Angisa met de tekst Kulturu (cultuur). Bindwijze Low-ede. Een angisa gevouwen met vele fijne plooien (Fini plooi). Draagt men in de rouw, tijdens feestelijke gelegenheden, maar ook op Afro-Surinaamse begrafenissen waar verschillende culturele uitingen, zoals deze een belangrijke rol speelt in de uitvaart.

Prodo-ede

Angisa met de tekst Prodo (pronken, proud). Bindwijze Prodo-ede. De randen van de angisa worden meestal versierd met een geplooid lint dat aan de achterzijde een rozet vormt. Het is de meest deftige doek en wordt gedragen bij bijzondere gelegenheden, met name wanneer de drager iets te vieren heeft.

Een angisa als kroon

Naar aanleiding van de resultaten vond ik het belangrijk om te refereren aan de kotomisi: de makers en dragers die in verschillende situaties uitgebeeld staan. Zo staan enkelen voor een huis verzameld, nadat de vrouwen elkaar hebben geholpen met aankleden. De andere wandelen, dansen op een feestje en een aantal kotomisi komen een boskopu (boodschap) brengen in een kopro beki (koperen bekken). De kotomisi die centraal staat wordt geholpen met het plaatsen van de angisa op haar hoofd. Het verwijst naar het belang van de angisa: en kan (bijna) gezien worden als het plaatsen van een kroon op het hoofd.

Ook verwerkte ik andere verwijzingen, zoals de alanyatiki (oranjestokje). Dit werd gebruikt om de tanden en mond helder en fris te houden, en zo het spreken van lelijke woorden te voorkomen. Er is een vogel, de grikibi (grietjebie), naar het geluid wat de vogel maakt), die aankomt vliegen met een alanyatiki. Het is een van de bekendste vogels in Suriname en gelijk ook een kleine brug naar het ander deel van de angisa.

Door het midden van de doek heen lopen kokriki (paternosterboontje) kralen met eromheen diverse bloemen. Deze zijn vanwege esthetische redenen gekozen. Wanneer de drager de hoofddoek bindt zal dit de rand van de angisa kunnen sieren.

De natuur en de spirituele ondertoon

Op het ander deel van de doek is er aandacht geschonken aan het vertalen van de elementen uit de natuur. Verschillende bloemen en planten zoals de calathea zebrina, stromanthe magic star, toortsgember, calathea argentea, hibiscus, faya lobi en de Surinaamse nationale bloem/plant de palulu.

Op de middenlijn staan een pauw, de zon en maan, de tekst ‘Rutu Na Krakti’, de kotomisi bloem en granaki (granaatappel) kralen centraal. Dit deel van het doel verwijst nog meer naar de kracht en het sierlijke van de kotomisi, maar met een spirituele ondertoon.

De tekst ‘Rutu Na Krakti’ (‘Wortels hebben/zijn kracht’), gaat gepaard met de odo  ‘Awinsi fa den wiwiri fu mi komopo na abrawatra, mi rutu e tyari mi go na tap’sei’. Ook wel: ‘Alhoewel mijn bladeren van overzee komen, mijn roots voeren/brengen mij terug en verwijst naar de krachtige spirituele verbinding met het Afro-Surinaams erfgoed. Met deze odo kan de drager deze betekenis uitdragen en overdragen.

Tekst: Cheyenne Nelson en Roberto Luis Martins

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie

Reactie