Uit de kledingkast van Johanna Houkjen in Huis Van Gijn

 
Afb. 4: Anoniem, japon, ca. 1885, bedrukt katoen, Huis Van Gijn. Foto: Adriaan van Dam
17 februari 2020
Junior conservator toegepaste kunst en textiel | Fries Museum

Johanna Houkjen Blussé komt oorspronkelijk uit Dordrecht, maar verhuist als majoorsvrouw vrij regelmatig. Drie van haar japonnen, die bewaard zijn gebleven in de kostuumcollectie van het Dordrechtse Huis van Gijn, blikken terug op haar leven: hoe zij modieuze en op latere leeftijd flatterende keuzes maakte in haar garderobe.

De kostuumcollectie van Huis Van Gijn wordt gevormd door een aantal genereuze schenkingen. Een belangrijke gift werd in 1931 gedaan door de erven van Johanna Houkjen Staring-Blussé (1844-1932). Hierbij behoren onder andere een achttiende-eeuwse robe, een gewatteerde Japonse rok en dameskleding uit de negentiende en twintigste eeuw.

Bij de meeste kledingstukken was onbekend door wie ze oorspronkelijk zijn gedragen. Na enig speurwerk bleek dat uit deze schenking maar liefst drie japonnen door Johanna Houkjen zelf zijn gedragen. Het gaat om haar eigen trouwjapon, een daagse jurk van katoen en de japon die ze droeg op het huwelijk van haar dochter Willemina Cornelia.

In dit blog zullen deze drie kledingstukken nader worden bekeken. Alle japonnen zijn ook te zien op de dubbeltentoonstelling Slow Fashion.

Afb. 1: Coen van Oven, portret van Johanna Houkjen Staring-Blussé, 1909, olieverf op doek, particuliere collectie
Afb. 1: Coen van Oven, portret van Johanna Houkjen Staring-Blussé, 1909, olieverf op doek, particuliere collectie

De Dordtse Johanna Houkjen

De familie Blussé is al generaties lang een vooraanstaande Dordtse familie die een belangrijke rol in het economische en politieke leven van de stad speelde. De familie bezat een drukkerij en uitgeverij en gaf onder andere de Dordrechtsche Courant uit. In 1844 wordt Johanna Houkjen Blussé geboren in Dordrecht.

Ze trouwt in 1875 met majoor Maurits Staring (1840-1914) die oorspronkelijk uit Vorden kwam. Het stel leert elkaar kennen doordat Maurits destijds in Dordrecht was gelegerd. Door de baan van haar echtgenoot verhuizen ze regelmatig. Het echtpaar heeft onder ander ook in Gorinchem Zutphen en Bergen op Zoom gewoond. In 1887 vestigen ze zich weer in Dordrecht. Johanna Houkjen en Maurits krijgen vijf kinderen: drie dochters en twee zonen.

In 1899 laat het echtpaar door architect C. Muysken een villa ontwerpen en bouwen in Dordrecht. Vanaf 1900 wonen Maurits en Johanna Houkjen in hun ‘Villa Soekasari’, dat in het Maleis ‘ik vind er iedere dag genoegen in’ betekent.

Afb. 2: H.J. Tollens, Villa Soekasari gezien vanaf Merwesteinpark, 1901. Regionaal Archief Dordrecht
Afb. 2: H.J. Tollens, Villa Soekasari gezien vanaf Merwesteinpark, 1901. Regionaal Archief Dordrecht

Trouwen in ripszijde

De oudste japon die van Johanna Houkjen in Huis Van Gijn bewaard is gebleven, is haar trouwjapon. Zij en Maurits trouwden op 26 mei 1875 in Dordrecht. Johanna Houkjen droeg toen een modieuze japon van grove ripszijde.

De japon bestaat uit een lijfje met losse rok. Het hooggesloten lijfje heeft middenvoor een sluiting met knopen en is versierd met biezen die revers suggereren. Verder heeft het lijfje een schoot met afgebiesde splitten, die op de rug worden bekroond met twee sierknopen.

Vanaf de kop van de mouw tot even onder de elleboog is een gerimpelde, dubbele laag stof aangebracht ter decoratie. De uiteinden van de mouwen zijn afgezet met twee over elkaar liggende stroken stof met hierboven een strik. Aan de binnenkant van de mouw is een kanten strook vastgezet.

De rok heeft een modieuze tablier, een soort schort, dat aan de onderkant is versierd met vijf biezen en afgezet met een strook kant. Aan de achterkant eindigt de rok in een sleep.

Afb. 3: Trouwjapon van Johanna Houkjen Staring-Blussé in de tentoonstelling Slow Fashion, locatie Huis Van Gijn. Foto auteur
Afb. 3: Trouwjapon van Johanna Houkjen Staring-Blussé in de tentoonstelling Slow Fashion, locatie Huis Van Gijn. Foto auteur

Katoen à disposition

Een minder formele japon uit de garderobe van Johanna Houkjen is een tweedelige katoenen jurk van omstreeks 1885. Ze was toen begin 40 en was inmiddels moeder van vier kinderen. Deze periode keerde de tournure of queue terug in het modebeeld.

Onder deze japon is echter geen losse tournure gedragen, hooguit een extra kussentje. In de rok zijn tunnels genaaid waarin baleinen werden gestoken. De uiteinden hiervan werden met strikbandjes tot een hoefijzer gevormd en zorgden voor de gewenste volumineuze achterkant.

Opvallend is dat het lijfje een aangeknipte draperie heeft, wat gebruikelijk in de jaren 1870 was. Na 1880 zit de draperie meestal aan de rok vast en is het lijfje los. Misschien vond Johanna Houkjen het prettiger om haar japon op een voor haar al bekende manier te dragen. Of de jurk is door een ouderwetse naaister gemaakt die vasthield aan de manier van draperen die zij al jaren had toegepast. Of misschien is het kledingstuk later vermaakt. Dit blijft voor nu gissen.

De japon is hoe dan ook het werk van een ervaren naaister. Zij is vakkundig omgegaan met de ingewikkelde stof, die à disposition is gemaakt: voorbedrukt met een patroon waarbij rekening werd gehouden met het uiteindelijke kledingstuk. Op de voorkant van het lijf zijn de motieven bijvoorbeeld groot, terwijl de mouwen juist met kleinere patronen zijn gedecoreerd.

Afb. 4: Anoniem, japon, ca. 1885, bedrukt katoen, Huis Van Gijn. Foto: Adriaan van Dam
Afb. 4: Anoniem, japon, ca. 1885, bedrukt katoen, Huis Van Gijn. Foto: Adriaan van Dam

De moeder van de bruid

Op 6 juni 1901 traden Willemina Cornelia Staring (1878-1947) en Pieter Blussé van Oud-Alblas (1874-1947) in het huwelijk. Johanna Houkjen, de moeder van de bruid, droeg toen een paarszwarte zijden japon met kriebelpatroon. Ze is namelijk te zien op een groepsfoto van die feestelijke dag.

De japon in de collectie ziet er anders uit dan op de foto en is dus later vermaakt. De mouwen zijn nu korter. Van de roze zijden voering was oorspronkelijk meer te zien. De verticale stroken zwart guipurekant zijn een latere toevoeging op het lijfje. Bij de japon op de foto lijkt een decoratie van stroken gedrapeerde tule aanwezig.

Mevrouw Staring-Blussé was 57 jaar toen haar tweede dochter trouwde. Hoewel ze niet meer de jongste was, probeerde ze enigszins met de mode mee te gaan. In modetijdschriften en etiquetteboekjes werd wel geadviseerd de garderobe aan te passen aan de levensfase. De Gracieuse schreef bijvoorbeeld:

Oude en bejaarde dames, wier figuur soms een weinig in de breedte uitzette, waardoor de beweeglijkheid schade leed, moeten zich natuurlijk op geheel andere wijze kleeden dan dames met een slanke en jeugdige en buigzame gestalte. Maar de nieuwmodische vormen zijn zoo veelzijdig, zoozeer geschikt tot het aanbrengen van wijzigingen, dat zij evengoed beantwoorden aan de behoeften van meer bejaarde dames, zonder dat, zooals dit vroeger het geval was, de kleeding de draagster er van dadelijk het stempel van een 'oude dame' geeft.

De naaister heeft ervoor gezorgd dat de japon mevrouw Staring-Blussé goed afkleedde. De Gracieuse raadde dames met een gezet figuur aan te kiezen voor een lijfje dat uitloopt in een punt en te zorgen voor verticale garneringen, om zo “het figuur slanker en bevalliger te doen schijnen”. Precies zoals bij deze japon.

Afb. 5: H.J. Tollens, Groepsportret van het bruidspaar en de bruiloftsgasten bij het huwelijk van P. Blussé van Oud Alblas en W.C. Staring op 6 juni 1901, Regionaal Archief Dordrecht.
Afb. 5: H.J. Tollens, Groepsportret van het bruidspaar en de bruiloftsgasten bij het huwelijk van P. Blussé van Oud Alblas en W.C. Staring op 6 juni 1901, Regionaal Archief Dordrecht.

Afb. 6: Anoniem, japon, ca. 1910, vermaakt uit japon van ca. 1901, zijde, kant, Huis Van Gijn. Foto: Jorgen Snoep.
Afb. 6: Anoniem, japon, ca. 1910, vermaakt uit japon van ca. 1901, zijde, kant, Huis Van Gijn. Foto: Jorgen Snoep.

Bronnen

Jaarverslag Vereeniging ''Oud-Dordrecht'', 1931-1932.

Stichting Coen van Oven

Regionaal Archief Dordrecht

Anne-Marie Segeren en Wyke Sybesma, Dordrecht in de mode, 1700-1950, Bestenzet 2019.

‘Practische modes’, in De Gracieuse – Geillustreeerde Aglaja, 39 (31-01-1901), nr. 9, p. 65.

Categorie: 

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie

Reactie