De angisa waarmee herdacht en gevierd wordt

 

Op 1 juli 1963 werd deze angisa uit de collectie van het Nationaal Museum van Wereldculturen mogelijk gedragen om de afschaffing van de slavernij te vieren en herdenken.

Gebonden op het hoofd communiceert de angisa veel signalen en betekenissen, waarvan sommige zelfs geheime. Naar aanleiding van de tentoonstelling ‘Maison Amsterdam’ vertellen wij - Ella Broek en Jane Sjeward-Schubert - in dit blog meer over dit object en een object uit eigen collectie: hoofddoeken die inhaken op vrijheid, herdenking en overdracht.

Een koffer op zolder

Een tante van welbekende koto en angisakenner Jane, een jonger zusje van haar moeder, overleed in 2003. Het was een vrouw die er van hield om zich mooi te kleden en altijd bezig was met de Surinaamse cultuur. Al droeg ze zelf geen koto’s of angisa’s.

Jane’s neven en nichten hadden al een paar keer gevraagd of Jane kwam kijken naar de spullen die tante had nagelaten, omdat ze had gewild dat elk familielid iets zou krijgen voordat haar spullen ter donatie naar Suriname werden gestuurd. Het duurde vele weken voordat Jane naar het huis van haar tante toe kon gaan en toen ze daar aankwam, stond alles al ingepakt. Alle familieleden waren al geweest. Haar nichtje wees haar op een paar koffers die nog over waren.

Alsof de doek op haar wachtte, opende Jane de eerste koffer en daar bovenop de stapel, netjes opgevouwen lag een witte angisa met een rode rand versierd met gebroken ketenen en zwarte handen. In de hoeken staan 4 kotomisi afgebeeld, het doek is verder versierd met zwarte ketenen, de belangrijke data 1 Juli 1863 – 1 juli 1963 en de herdenkingsdag Keti Koti, de gebroken ketenen. Deze angisa is 100 jaar na de formele afschaffing van de slavernij uitgegeven.

vierkant doek met motieven als ketens, handen, dames met angisa op en teksten als 'keti koti' en '1 juli 1863-1963'
Angisa uit de collectie van Jane, erfstuk van haar tante.

De angisa als gedenkdoek

De angisa uit de collectie van het NMVW is niet dezelfde als die Jane van haar tante erfde. Rondom belangrijke gebeurtenissen, zoals 100 jaar afschaffing van de slavernij, werden er vaak meerdere angisa’s uitgegeven.

gebonden hoofddoek met kleurrijke afbeeldingen die verwijzen naar de afschaffing van de slavernij in Suriname
Angisa, 1963, TM-5332-1, collectie NMVW

Op deze witte gedenkdoek, ook wel geschiedenisdoek genoemd, staat het symbool van Suriname afgebeeld, het jaartal 1863, een schip, een totslaafgemaakte man en gebroken ketenen: het Surinaamse symbool van vrijheid. Deze angisa is rondom gebonden met een gedraaide staart en lijkt erg op een opo lanki (letterlijk: open rand); een variant van de bekende miss de Neef (vernoemd naar mevrouw de Neef).

Zonder de draai in de staart zou het ook een paw tere (pauwenstaart) kunnen zijn. Omdat er veel verschillende vouwstijlen zijn en er door de jaren heen ook nieuwe variaties worden bedacht, is het soms niet altijd direct te herleiden welk model het precies is.


hoofddoek met kleurrijk patroon met stippen en vlinders
Opo lanki en paw tere, beide gevouwen door Jane. Opo lanki gefotografeerd door Michelle Piergoelam.

De angisa is samen met de koto (aanduiding voor de rok én het hele kostuum) het voornaamste onderdeel van de Afro-Surinaamse klederdracht. Zij wordt gesteven, gevouwen en door kotomisi (letterlijk: vrouw gekleed in koto) op het hoofd gedragen.

Verzet in gebonden vorm

Naast het vastleggen en herdenken van gebeurtenissen die afgebeeld staan op de angisa, droeg de angisa ook vaak een naam (een odo) en werden er met de hoofddoek boodschappen doorgeven middels de bindwijzen. Het doorgeven van boodschappen was in het sociale leven dan kotomisi een manier om onderling te communiceren.

Angisa’s worden net als koto’s, binnen de Afro-Surinaamse gemeenschap bewaard, gekoesterd en van generatie op generatie doorgegeven. Waar de dracht vroeger dagelijkse kleding was, wordt zij nu voornamelijk gedragen tijdens feestdagen, gedenkdagen, en op andere officiële gelegenheden. De waarde die de hoofddoek heeft, is een combinatie van de kwaliteit van de stof, de vaardigheid of kunst van het binden en van de persoonlijke of spirituele relatie met de angisa. Een doek kan verschoten en versleten zijn, maar doordat ze, bijvoorbeeld, gedragen is op een bijzondere verjaardag van een geliefde of dierbare, is ze een van de kostbaarste bezittingen in iemands collectie.

Wie beide doeken gedragen hebben is niet bekend, maar zonder twijfel straalden de dragers met de gebonden angisa’s een onderduidelijk statement van vrijheid en erkenning uit.

Door: Ella Broek en Jane Sjeward-Schubert

[email protected] Amsterdam

Van 18 september tot en met 3 april 2022 is angisa te zien in de tentoonstelling Maison Amsterdam: De stad, de mode en de vrijheid. Voor de tentoonstelling tonen 15 partnermusea een object uit eigen collectie gelinkt aan het onderwerp vrijheid en codetaal.

Jane Stjeward-Schubert is koto- en angisa expert en aangesloten bij het Research Center for Material Culture (NMVW) als onderzoeker. Ella Broek is antropoloog en kostuummaker en ook aangesloten bij het RCMC als onderzoeker. Samen met hun mede-initiator Michelle Piergoelam zijn zij oprichters van de stichting Tailors and Wearers, die als doel heeft het verzamelen en het delen van kennis en kunde over de Afro-Surinaamse klederdracht.

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie

Reactie