Over haar

 
Crystl Rijkeboer, The inevitable journey, 2013
16 maart 2016
(oud)-conservator mode en textiel Fries Museum Leeuwarden

Haar is een flexibele, veerkrachtige vezel, en duurzaam omdat het steeds weer aangroeit. Dierlijk haar, zoals wol van het schaap, mohair van de angorageit, angora van een konijn of paardenhaar worden daarom sinds mensenheugenis in kleding toegepast.

De eerste drie voor het maken van stoffen en paardenhaar voor het verstevigen ervan. De 19de-eeuwse crinoline was oorspronkelijk verstevigd met ‘crin’ de cheval, met paardenhaar. Met name mannenkostuums kregen ‘binnenwerk’: een stevige tussenvoering waarin paardenhaar is meegeweven. Elke breister heeft de ervaring dat ze per ongeluk losse haren meebreit met het garen van de trui waaraan ze werkt. Maar om helemaal een trui van haar eigen haar te breien? Hondenhaar wordt wel gebruikt door breisters, maar aan mensenhaar kleeft echter een symbolische of emotionele lading.

Doede Pieters Attema, gouden broche, 1844, collectie Fries Museum Leeuwarden
Doede Pieters Attema, gouden broche, 1844, collectie Fries Museum Leeuwarden

Sieraden met haarwerk waren vooral populair in de eerste helft van de negentiende eeuw. Het zijn vaak rouwsieraden, waarin het haar van een overledene is verwerkt tot een voorstelling. Deze gouden broche is echter een verjaardagscadeau voor Grietje Gerbens van der Meer (1823-1885) uit Friesland. Van haar blonde haar is een ‘hoorn des overvloeds’ gemaakt, gevuld met bloemen met pareltjes en kleine diamantjes. In de krul van de hoorn is te lezen: ‘GG vd M. 16 Februari 1844’, de dag waarop ze 21 wordt. Ze krijgt met deze broche met de hoorn de wens voor een  voorspoedig leven.

Beeldend kunstenaar Chrystl Rijkeboer maakt ook gebruik van de symbolische waarde van mensenhaar. Ze onderzoekt in haar werk de menselijke identiteit. Het materiaal krijgt ze van een kapper en een pruikenmaker. Ze spint er draden van waarbij ze in veel gevallen alle kleuren mixt. Chrystl  breit en haakt van mensenhaar objecten, vaak met een sprookjesachtig en tegelijkertijd onheilspellende sfeer, zoals het werk  ‘The inevitable journey’ uit 2013. Op een gigantische houten slee zit een figuur van een klein meisje met een gehaakt wolvenmasker dat een  gebreide cape draagt.

Crystl Rijkeboer, The inevitable journey, 2013
Crystl Rijkeboer, The inevitable journey, 2013

Twee jaar eerder experimenteert Chrystl met draagbare kleding, waarbij ze een reeks foto’s van zichzelf maakt in een jurk die ze breit van mensenhaar. Ze breit dan bovendien een lange nauwsluitende jurk met opstaande col waarin een gezicht helemaal verdwijnt. De jurk lijkt onbehaaglijk en stekelig en een afweer te zijn tegen de dreigingen in de wereld. Deze jurk staat nu op de catwalk in de tentoonstelling ‘HAAR! menselijk haar in mode en kunst’ in het Centraal Museum in Utrecht.

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie

Reactie