zonder titel

 

helft van halssieraad De aluminium halskragen die Emmy van Leersum in de tweede helft van de jaren zestig ontwerpt worden door haar gekoppeld aan bijbehorende jurken. De ontwerpster had een...

Doorzoek de website met tags
Maker
Emmy van Leersum
Objectnummer
Z2006.039
Instelling
Design Museum Den Bosch
Periode
1967

helft van halssieraad De aluminium halskragen die Emmy van Leersum in de tweede helft van de jaren zestig ontwerpt worden door haar gekoppeld aan bijbehorende jurken. De ontwerpster had een gepassioneerde belangstelling voor mode. De integratie van sieraad en kledingstuk volgde op natuurlijke wijze uit haar opvatting dat beide een essentieel bestanddeel zijn van de totale persoonlijkheid van de vrouw die ze aan durfde te schaffen. Eind jaren zestig van de vorige eeuw voltrok zich een revolutie onder de Nederlandse edelsmeden en sieraadontwerpers. Het sieraad als statussymbool werd afgezworen. Goud, zilver en edelstenen waren passé. Het sieraad moest bevrijd worden van zijn simplistische ornamentele en decadente functie. Eén van de pioniers in deze ontwikkeling was Emmy van Leersum (1930-1984), die samen met haar tweede echtgenoot, de ontwerper Gijs Bakker, in 1969 de Werfkelder voor Multipliceerbare Objecten opende. Goedkope materialen zoals aluminium, roestvrij staal en perspex moesten betaalbare, in serie te produceren, sieraden voortbrengen. Dit is nooit echt gelukt maar Van Leersums unieke bijdrage aan de ontwikkeling van het sieraad staat onomstotelijk vast. Bovenal veranderde haar visionaire werk de relatie tussen mens en sieraad voorgoed: het lichaam is bij haar nooit een passieve drager. Het participeert in de vormgeving en betekenis. In feite betekent het dragen van haar werk de versmelting van rationele vormprincipes en fysieke kwetsbaarheid. Deze synthese was zeker niet altijd lieflijk en soms uitgesproken hoekig. Bij de perfectionistische en emotionele Van Leersum vertaalt een soms agressieve spanning zich vaak in een beheerste vorm die, ondeelbaar lijkend en opgebouwd uit materiële of immateriële lijnen, een acuut en uniek lichamelijk bewustzijn voortbrengt. Opgeleid door onder andere Marinus Zwollo aan het Kunstnijverheidsonderwijs in Amsterdam liet Van Leersum zich inspireren door de functionele eenvoud in Afrikaanse sieraden en de hoofdtooien uit de Nederlandse klederdracht. Constructivistische invloeden volgden. Van Leersum was zeer ongelukkig met het woord sieraad. De enige term waarmee ze zich enigszins kon verzoenen was draagbaar object.

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie

Reactie