Manchet

 

Manchetten voor gebruik in de zomer. Ze worden onder de kleding gedragen om ruimte te creëren tussen huid en kleding. Zo trekt zweet niet in de stof en kan er lucht circuleren tussen de kleding en...

Objectnummer
RV-666-72
Instelling
Stichting Nationaal Museum van Wereldculturen
Periode
1850-1888
Herkomst
Korea

Manchetten voor gebruik in de zomer. Ze worden onder de kleding gedragen om ruimte te creëren tussen huid en kleding. Zo trekt zweet niet in de stof en kan er lucht circuleren tussen de kleding en de drager. Dit soort manchetten worden over het algemeen gemaakt van dunne flexibele twijgjes van de gouden regen (wisteria) omwonden met rietstrippen. Een corset van hetzelfde materiaal (tŭng tŭnggŏri,1070-110) heeft dezelfde afkoelende functie als deze manchetten maar dan voor het bovenlichaam, en wordt gedragen over de schouders, rug en borst. Er zijn ook manchetten voor gebruik in de winter, die dan over de kleding worden gedragen en vaak gevoerd zijn met bont. Door de mouwen af te sluiten wordt voorkomen dat koude wind onder de kleding waait. Wristlets for summer use, to be worn underneath the clothes to maintain some distance between the skin and the garments. This keeps sweat away from the cloth and allows air to flow between the clothes and the wearer. Such wristlets and corsets are generally made of thin, flexible twigs of wisteria (tŭng), sometimes wound with reed. Wristlets (t’oshi) are used during both summer and winter, with winter versions primarily worn over the clothes and often lined with fur. By closing up the sleeves, they keep wind from getting into the garment. The wisteria corset, or tŭng tŭnggŏri (1070-110), performs the same cooling function as these wristlets but for the upper body, and is worn over the shoulders, back and chest.

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie

Reactie