Kap voor vrouw

 

De ronde kap, hoofdbedekking van de volwassen vrouw, wordt gedragen door het meisje vanaf haar 16e jaar. Na 1900 is de ronde kap steeds kleiner geworden en daarmee namen ook de maten van de...

Doorzoek de website met tags
Objectnummer
003490
Instelling
Zuiderzeemuseum Enkhuizen
Periode
1900 - 1950
Credits
Zuiderzeemuseum Enkhuizen
Herkomst
aankoop 1951-09-27

De ronde kap, hoofdbedekking van de volwassen vrouw, wordt gedragen door het meisje vanaf haar 16e jaar. Na 1900 is de ronde kap steeds kleiner geworden en daarmee namen ook de maten van de onderdelen af. Rond 1965 wordt de ronde kap niet meer gedragen. De volwassen vrouw draagt vanaf die tijd het meisjesmutsje. Over alle andere onderdelen van de ronde kap wordt de fijne kap geplaatst, bij voorkeur gemaakt van een stuk glasbatist met een strook mooie kant aan de onderzijde. De dunne batist doet de rode banden, de zwarte bandjes en vernaaide linten mooi doorschijnen. In de rouw is de vorm van de fijne kap wel dezelfde, maar in plaats van het fijne kappegoed, wordt er een minder doorschijnende of geheel ondoorschijnende katoen gebruikt. De dichtheid van de stof maakt dat de onderliggende delen onzichtbaar worden. Men spreekt dan niet meer van de fijne kap maar van de dikke kap. Ook het kant is minder verfijnd. Bij hele zware rouw wordt er zelfs nog een ondermuts over het geheel opgezet. Fijne kap. Strook witte batist, doorschijnend, aan de achterzijde gesloten met een overgehaalde striknaad, klein splitje tot de rand open- gelaten, de voorrand verbreed met reep mooie echte kant dat aan de uiteinden is afgeschuind, met belegsel en twee trensjes voor keelband, bij de kruin plooitjes ingevouwen en vastgezet. De ronde kap, hoofdbedekking van de volwassen vrouw, wordt gedragen door het meisje vanaf haar 16e jaar. Na 1900 is de ronde kap steeds kleiner geworden en daarmee namen ook de maten van de onderdelen af. Rond 1965 wordt de ronde kap niet meer gedragen. De volwassen vrouw draagt vanaf die tijd het meisjesmutsje.; Over alle andere onderdelen van de ronde kap wordt de fijne kap geplaatst, bij voorkeur gemaakt van een stuk glasbatist met een strook mooie kant aan de onderzijde. De dunne batist doet de rode banden, de zwarte bandjes en vernaaide linten mooi doorschijnen. In de rouw is de vorm van de fijne kap wel dezelfde, maar in plaats van het fijne kappegoed, wordt er een minder doorschijnende of geheel ondoorschijnende katoen gebruikt. De dichtheid van de stof maakt dat de onderliggende delen onzichtbaar worden. Men spreekt dan niet meer van de fijne kap maar van de dikke kap. Ook het kant is minder verfijnd. Bij hele zware rouw wordt er zelfs nog een ondermuts over het geheel opgezet.

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie

Reactie