Jurk in bruine zijde met kralenversiering en guimpe in kant

 

In het Edwardiaanse tijdperk droegen vrouwen nog strakke korsetten of lijfjes en lange rokken. De S-lijn in de silhouetten verkreeg men door het zogenaamde 'gezondheidskorset' of 'droit-devant'....

Doorzoek de website met tags
Maker
onbekend
Objectnummer
MMH.2015.0007
Instelling
Modemuseum Hasselt
Periode
1900/1912

In het Edwardiaanse tijdperk droegen vrouwen nog strakke korsetten of lijfjes en lange rokken. De S-lijn in de silhouetten verkreeg men door het zogenaamde 'gezondheidskorset' of 'droit-devant'. Vanaf 1906 werd het silhouet geleidelijk aan rechter. Deze stijl, de directoire, werd door Paul Poiret ontworpen. De korsetten werden rechter en langer (tot boven de knie) en maakten het figuur slanker. Daarnaast werden de rokken korter zodat de voeten zichtbaar werden. Kragen reikten tot net onder de kin en zorgden voor een verlengend effect. Deze hoge kragen zie je vooral in dagkleding. 's Avonds droeg men diepe decolletés met sieraden. Ook met het gebruik van kant en andere dure stoffen kon men zijn rijkdom en status etalleren.

In het Edwardiaanse tijdperk droegen vrouwen nog strakke korsetten of lijfjes en lange rokken. De S-lijn in de silhouetten verkreeg men door het zogenaamde 'gezondheidskorset' of 'droit-devant'. Vanaf 1906 werd het silhouet geleidelijk aan rechter. Deze stijl, de directoire, werd door Paul Poiret ontworpen. De korsetten werden rechter en langer (tot boven de knie) en maakten het figuur slanker. Daarnaast werden de rokken korter zodat de voeten zichtbaar werden. Kragen reikten tot net onder de kin en zorgden voor een verlengend effect. Deze hoge kragen zie je vooral in dagkleding. 's Avonds droeg men diepe decolletés met sieraden. Ook met het gebruik van kant en andere dure stoffen kon men zijn rijkdom en status etalleren. Lange jurk in bruine zijde. Het lijfje heeft een V-vormige halsuitsnijding met een inzetstuk in ecrukleurige kant. Deze staat op een linnen ondergrond en sluit met haken en ogen. Naast de uitsnijding van de hals een brede omval. Op de omval een versiering van goudkleurige kralen. Een voetkraag valt over de omval. Het lijfje is in het voorste en de rug aan de lenden met enkele plooien aan de lenden vastgezet. De uitgeschuinde rok bestaat uit een onderrok en een bovenrok die in het voorste openvalt en korter is. De onderrok heeft een linnen rugdeel. Hij sluit met drukknopen in de linker zijnaad. Op de bovenrok is er een gedrappeerde lendenband die sluit met drukknopen. De bovenrok is vanaf de zijnaden gefronst over de rug. De lange mouwen zijn op een brede polsboord aangefronst. Aan de polskant heeft de mouwboord een split die sluit met een drukknoop. Het lijfje is volledig gedubbeld met linnen. Onder de arm mouwbeschermers. In de zoom van de bovenrok een loodje aan beide kanten.

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie

Reactie